Soortindeling

Water- en moerasschildpadden

Het houden van waterschildpadden is in Nederland erg populair. De Roodwang-, de geelwang- en de zaagrugschildpad worden in Nederland het meest verkocht. Er worden echter veel schildpadden ondoordacht aangeschaft, bijvoorbeeld als speelkameraadje voor kinderen. Ze komen dan in een plastic bakje terecht met een eilandje en een palmboompje. Door onwetendheid worden veel schildpadden slecht verzorgd en krijgen ze de verkeerde voeding, hierdoor kunnen grote problemen ontstaan met betrekking tot het schild en de botten. Wanneer mensen er dan achter komen dat de verzorging van een schildpad toch meer aandacht vraagt dan in eerste instantie werd gedacht, worden de schildpadjes vaak zo snel mogelijk weggedaan. Soms naar een opvang, maar ook worden ze regelmatig zomaar buiten losgelaten (waar ze niet kunnen overleven) of door het toilet gespoeld. Wanneer u toch overweegt om een schildpad aan te schaffen dan zijn er een aantal punten waar u goed op moet letten. Ten eerste moet de schildpad een natuurlijk gedrag vertonen, dit houdt in dat hij bij toenadering zal proberen te vluchten. Terwijl de schilpad dit doet kun u makkelijk zien of hij gezond is. Een schildpad die niet goed kan zwemmen of duiken is meestal ten dode opgeschreven. Let er verder op of de neusgaten niet verstopt zijn en de oogleden niet aan elkaar vastgeplakt zitten. Ten tweede moet het schild er goed uitzien en het moet hard aanvoelen. Een beschadigde schild duidt op een slechte conditie. Vraag eventueel aan de verkoper of deze de dieren wil voeren. De dieren die het snelst op het voer afkomen zijn waarschijnlijk ook het gezondst.

  • Roodwang sierschildpad: De latijnse benaming is Trachemys scripta elegans. De roodwang behoort tot de familie van de Emydidae of Zoetwaterschildpadden. Oorspronkelijk komt hij voor in Noord-Amerika en Mexico. Kenmerkend is de rode vlek vanaf het oog op de wang. Mannetjes worden meestal niet langer dan 20cm. Vrouwtjes worden soms langer dan 30cm en kunnen bijna twee kilo zwaar worden. Roodwangschildpadden kunnen 35 jaar of ouder worden.
  • Geelwangschildpad of Amerikaanse sierschildpad: De latijnse benaming is Chysemys Picta Picta. De Geelwang behoort tot de familie van de Emydidae of Zoetwaterschildpadden. Oorspronkelijk komt hij voor in Noord-Amerika, Mexico en Zuid-Canada. Kenmerkend is de gele streep op de wang. Het buikschild is meestal geel. Vaak is tijdens de groeiperiode een lengtestreep zichtbaar op het rugschild
  • Zaagrugschildpad of mississipi landkaartschildpad: De latijnse benaming is Grapthemys pseudogeographica Konhii. De Zaagrug behoort tot de familie van de Emydidae of Zoetwaterschildpadden. Oorspronkelijk komt hij voor in de Zuidelijke gebieden van de Verenigde Staten, vooral bij de Mississippi en Missouri rivieren. Kenmerkend is de opstaande gekartelde rand van zijn rugschild. De zaagrug heeft een gele rand om zijn pupillen en ook op zijn huid zijn gele aftekeningen zichtbaar. Volwassen vrouwtjes worden ongeveer 27 centimeter groot, mannetjes kunnen ongeveer 25 centimeter groot worden.
  • Hieroglyfen schildpad: De latijnse benaming is chrysemys concinna hieroglypica. De hieroglyfen schildpad behoort tot de familie van de Emydidae of Zoetwaterschildpadden. Oorspronkelijk komt hij voor in Geheel midden en zuid Amerika tot op de Bahama's toe. Kenmerkend is een duidelijk circelend patroon op het rugschild. De aftekeningen op de huid zijn geel. Mannetjes worden meestal niet langer dan 20cm. Vrouwtjes worden soms langer dan 25cm. Hieroglyfen schildpadden kunnen 35 jaar of ouder worden.

Landschildpadden

  • Griekse landschildpad: De latijnse benaming Testudo Hermanni. De Grieks landschildpad behoort tot de familie van de Testudinae of landschildpadden. Van oorsprong komt hij voor in Griekenland en Balkanlanden. Van de Testudo hermanni zijn nog twee ondersoorten bekent, de Testudo hermanni hermanni uit Zuid Italië en de Testudo hermanni robertmertensi, deze komt voor vanaf midden Italië tot Zuid Frankrijk en Oost Spanje. Opvallend is dat het pantser boven de staart bestaat uit twee delen, bij andere soorten bestaat dit uit één stuk. Zowel mannelijke als vrouwelijke dieren worden ongeveer 20 centimeter groot. Griekse landschildpadden kunnen wel 50 jaar oud worden. De Griekse landschildpad eet voornamelijk plantaardig voedsel.
  • Panterschildpad: De latijnse benaming is Geochelone Pardalis. Oorspronkelijk leven panterschildpadden in Afrika. De Panterschildpad is hoofdzakelijk geel gekleurd met zwarte vlekken. Zowel mannetjes als vrouwtjes kunnen zo'n 40-50 centimeter groot worden. De panterschildpad kan 50 jaar of ouder worden. De Panterschildpad eet voornamelijk dierlijk voedsel.
  • Vierteenschildpad: De latijnse benaming is Agrionemys Horsefeldii. Oorspronkelijk komt de Vierteen voor in de steppen van Zuid-West Azië. Het schild van de Vierteen is zandkleurig met donkere vlekken, de omtrek is rond en de bovenkant afgeplat. De beenplaten zijn ruw en opgebouwd uit ringen.Mannetjes worden ongeveer 16 centimeter groot en vrouwtjes ongeveer 20 centimeter. De vierteen eet voornamelijk plantaardig voedsel.
  • Kolenbrander: De lantijnse benaming is Geochelone Carbonaria. Van oorsprong leven Kolenbranders in het tropisch regenwoud van Panama en in de Savanne rond Suriname. Kenmerkend zijn de geel/rode schubben op de ledematen en de kop. Het rugschild is donker met een lichte vlek op iedere hoornplaat. Zowel mannetjes als vrouwtjes kunnen ongeveer 30 centimeter groot worden. De Kolenbrander eet voornamelijk plantaardig voedsel, maar wat dierlijk voedsel op zijn tijd zoals kattenvoer of stukjes kip lust hij ook wel.
  • Doosschildpad: De latijnse benaming is Terrapena Carolina. Oorspronkelijk komt de Doosschildpad voor in het oosten van de V.S. en Canada. Erg bijzonder aan de doosschildpad is dat hij op zijn buikschild twee 'scharnieren' heeft waarmee hij zijn pantser stevig kan sluiten. Zijn rugschild is bruin/zwart van kleur met gelige vlekken. Vanaf de neus loopt een gele streep tot achter de kop. Doosschildpadden kunnen maximaal 20 centimeter groot worden. Doosschildpadden eten voornamelijk dierlijk voedsel.