De Wallabie

Wie aan Australië denkt, denkt aan de kangoeroe. Op dit continent komen de meeste kangoeroes voor. Ze leven er zowel in de bomen als op de grond. De eerste ontmoeting met de kangoeroe was in 1629 toen een schip van de VOC voor de westkust van Australië schipbreuk leed en ‘springende katten’ tegenkwam. Tegenwoordig hoeven we allang niet meer zo ver te reizen om een kangoeroe te zien. Steeds vaker staan deze buideldieren gewoon in een Nederlandse wei te grazen.

Buidel
Wallabies behoren tot de kleinere kangoeroesoorten. Net als alle kangoeroes hebben ze een buidel. Die buidel is niets anders dan een ruime huidplooi waarin de tepels uitmonden. Die tepels voorzien een jonge kangoeroe van zijn voeding. Maar voordat de buidel in gebruik wordt genomen houdt de aanstaande moeder eerst grote schoonmaak. Een dag voor de geboorte van het jong steekt ze haar kop in de buidel en likt hem helemaal schoon. Een dag later baant het pasgeboren dier zich een weg richting buidel om daar nog 8 maanden uit te groeien.

Vechtpartij
Aangezien wallabies echte groepsdieren zijn vinden ze het geweldig om soortgenoten in de buurt te hebben. Maar ze hebben wel een duidelijke sociale rangorde. Voornamelijk mannetjes vinden het nodig elkaar te imponeren. Daarbij blazen ze hun borstkas op en zwaaien ze hun voorpoten als echte boksers in de lucht. Als het echt op vechten aankomt gebruiken ze niet alleen hun voorpoten, maar ook hun achterpoten. Daarbij wordt de staart gebruikt om het evenwicht te bewaren.

Huisdier
Uiteraard is een wallabie geen dier om ìn huis te houden. Ze staan veel liever met een hele groep dieren in het gras. Overdag grazen ze of genieten ze van de zon. Op die manier warmen ze zich een beetje op. Behalve in de winter, want dan hebben de meeste wallabies toch een verwarmd binnenverblijf nodig.

Tekst: Stijn Peters, dierenarts